Surf Nieuws

Op bezoek bij Rotor

Off 3

Onder de rook van Madrid bevindt zich de fabriek van Rotor. Een fabriek waar, volgens de verhalen, alles van A tot Z zelf ontwikkeld en gefabriceerd wordt. Op een warme zomerdag namen we een kijkje in de keuken van Rotor om te achterhalen hoe het er daar aan toe gaat. Om dit pretpark wat context te geven, spraken we met medeoprichter Pablo Carrasco over het innovatieve karakter van Rotor en hoe de nieuwe groepset tot stand is gekomen.

Bij het binnenlopen van de fabriek is direct duidelijk dat alles in-house gebeurt: iets dat anno 2019 onmogelijk lijkt op deze schaal. Van de mallen voor de carbon onderdelen tot de vele aluminium onderdelen, alles wordt zelf gefabriceerd. Grote aluminium platen in verschillende diktes zijn vanuit het binnenland van Spanje aangeleverd en staan in rijen te wachten. Deze hebben allemaal een eigen bestemming: de ene plaat wordt met de grootste precisie bewerkt tot een Rotor Aldhu-crankstel en uit de ander komt een minuscuul onderdeeltje voor de shifter van de 1×13-groepset.

In 1994 is Rotor begonnen met het ontwikkelen en fabriceren van aandrijfsystemen die het dode punt moesten elimineren: de ovale kettingbladen waar Rotor bekend mee is geworden. Het brein achter Rotor is Pablo Carrasco, een luchtvaartvaart-ingenieur die in zijn jonge jaren maar een droom had: een patent op zijn naam. Die jongensdroom heeft hij nagestreefd en heel snel weten te realiseren. Eind 1994 kreeg Rotor haar eerste patent en sindsdien ademt de Spaanse fietsonderdelenproducent innovatie. Tegenwoordig is Rotor vooral bekend van lichte CNC-gefreesde crankstellen en natuurlijk de ovale bladen waar Carlos Sastre in 2008 de Tour de France mee won.

Volgens Carrasco is het nog altijd een grote uitdaging om innovatief te blijven bij de productie van fietsonderdelen. Toen hij in 1994 aan het avontuur begon, leek het hem eenvoudig om het aandrijfsysteem van de fiets te verbeteren, juist omdat dit al meer dan 100 jaar vrijwel hetzelfde was. In de afgelopen 25 jaar heeft hij geleerd dat dat moeilijker is dan het lijkt, vertelt hij. ‘Juist door de unieke fysieke eigenschappen van ieder persoon, is een verbetering voor de ene fietser niet altijd een verbetering voor de andere. Hierdoor is het effect van een mogelijke verbetering moeilijk te meten, waardoor het lastig is om te innoveren.’ Een verbetering in een brandstofmotor is volgens Carrasco, die vroeger een fanatiek motorcrosser was, makkelijker te bewijzen dan een verbetering van een fietsaandrijving.

200 Watt

De manier waarop fietsen en fietsonderdelen getest worden is een onderwerp van discussie, volgens Carrasco. Hij legt uit: ‘Er is geen onafhankelijk instituut dat objectief producten test, zoals bij bijvoorbeeld auto’s het geval is. Hij geeft een voorbeeld: ‘Wanneer een keramische lager getest wordt op weerstand doen wij dit op minimaal 1000 watt en niet op 200 watt. Op 200 watt loopt ieder lager nog soepel. Pas als deze onder druk komt te staan, zal blijken wie het beste product maakt.’ Hierom zijn de vele beloften die merken maken vaak op weinig gebaseerd en moeilijk te vergelijken, aldus Carrasco.

Door de jaren heen is Rotor van een producent van ovale voorbladen geëvolueerd naar ook crankstellen en daarna zelfs een hele groepset, genaamd UNO. Nu gaat Rotor nog een stap verder met de 1×13-groepset die moet opboksen tegen de gevestigde merken. Een van de redenen van deze uitbreiding van het assortiment is dat een veelvoud aan afmetingen van de crankstellen van andere merken voor problemen zorgde. De oplossing was een eigen Rotor crankstel. Om dezelfde reden is Rotor naast crankstellen ook met een groepset op de markt gekomen. Als groepset-producent lig je altijd iets voor op de onderdelen-producent, aangezien de losse onderdelen afgestemd moeten worden op de groepsets waar fietsen standaard mee worden afgemonteerd.

Volwaardige speler

Met de 1×13-groepset wil Rotor het heft in eigen handen nemen. Waar je vroeger alleen een Rotor-crank had, kan je nu een hele fiets afmonteren met Rotor-onderdelen. Er wordt ondertussen hard gewerkt aan onder andere tijdritfietsonderdelen voor de 1×13-groepset die nodig zijn om een profploeg van alle materialen te voorzien. ‘Het is uiteraard een belangrijk doel om een profploeg te sponsoren met een Rotor-groepset om zo uit te groeien tot een volwaardige vierde speler naast Shimano, SRAM en Campagnolo’, stelt Carrasco. Of er ooit een voordeliger broertje van de 1×13 komt zal de tijd en het succes van de 1×13 groep moeten uitwijzen. Als het aan Carrasco ligt wel. ‘Des te meer fanatieke fietsers Rotor kunnen ervaren, des te beter het is’, spreekt hij vol passie. Carrasco is een pionier en even gepassioneerd over fietsaandrijvingen en hun interactie met het menselijk lichaam. Hij heeft een duidelijk toekomstbeeld over de aandrijving van de fiets: ‘A chain, a chainring and a sprocket’. Als het aan Carrasco ligt, hoeven we ons geen zorgen te maken over onze vertrouwde aandrijving en wordt er niet aan aloude tradities, zoals de ketting schoonmaken, getornd.



Het artikel over Shimano Experience Center komt uit Wielrenbald #4 2019. Word abonnee van Wielrenblad zodat je het nieuwste magazine als eerste ontvangt en geen artikel meer hoeft te missen. Losse uitgaven van Wielrenblad kun je ook bestellen in de Soul Webshop. Digitale uitgaven kun je uiteraard terug vinden in de Soul Kiosk App, zodat je Wielrenblad ook via tablets of smartphones kunt lezen.

The post Op bezoek bij Rotor appeared first on Ridersguide.

Bron: 6.soulonline.nl

Related Posts